Naar de inhoud
Soepel bewegen

Rekken of krachttraining: wat maakt je soepeler?

Meer bewegingsruimte oefenen kan op verschillende manieren. Zo kies je een begin dat past bij jouw doel.

Rekken en gecontroleerd oefenen met weerstand zijn verschillende manieren om bewegen te verkennen.Vergroot afbeelding ↗
Rekken en gecontroleerd oefenen met weerstand zijn verschillende manieren om bewegen te verkennen.
Soepeler bewegen hoeft niet alleen uit rekken te bestaan.

Rekken en krachttraining door een passend bewegingsbereik kunnen beide een plek hebben. Je doel, je reactie op de oefening en wat je volhoudt helpen de keuze bepalen.

Je wilt makkelijker bukken, je armen hoger kunnen heffen of weer prettig op de grond zitten. Dan ligt rekken voor de hand. Maar ook een beweging met weerstand kan je helpen om een groter bereik te oefenen. De vraag is niet alleen hoeveel rek je voelt, maar welke beweging je wilt terugwinnen.

Wat onderzocht men bij rekken en krachttraining?

Een kleine gerandomiseerde studie vergeleek statisch rekken met krachttraining bij 18 gezonde, lichamelijk actieve volwassenen. Beide trainingsgroepen verbeterden op de gebruikte lenigheidstest; de krachtgroep verbeterde ook de kracht. Door de kleine groepen en de gezonde deelnemers kun je deze uitkomst niet rechtstreeks vertalen naar iedere patiënt met pijn of naar ieder gewricht. [1]

De bruikbare gedachte is dat krachttraining en beweeglijkheid geen tegenpolen hoeven te zijn. Het resultaat hangt mede af van welke oefening, welk bereik en welke belasting je gebruikt. Het betekent niet dat rekken overbodig is of dat je meteen zwaar moet trainen.

Wat wil je met de oefening bereiken?

Je doelEen mogelijke start
Rustig een bewegingsrichting verkennenEen lichte rek of een onbelaste beweging, binnen een comfortabel bereik.
Controle en kracht in die beweging oefenenEen gecontroleerde beweging met je lichaamsgewicht of lichte weerstand.
Een dagelijkse handeling makkelijker makenEen haalbare variant van die handeling, bijvoorbeeld opstaan vanaf een hogere stoel.

Deze voorbeelden zijn keuzemogelijkheden, geen bewezen optimale dosering. Een fysiotherapeut kan helpen als je niet goed weet welke beweging past of als klachten je bereik beperken.

Van hele spier naar spierbundel, spiervezel en myofibril. Bindweefsel omgeeft en verbindt de verschillende niveaus.Vergroot afbeelding ↗
Van hele spier naar spierbundel, spiervezel en myofibril. Bindweefsel omgeeft en verbindt de verschillende niveaus.

Moet de rek zo sterk mogelijk zijn?

Een intens gevoel is geen meetinstrument voor een beter resultaat. Kies eerst een uitvoering die je rustig kunt controleren. Bij een rekoefening hoeft dat geen maximaal eindpunt te zijn. Bij krachttraining kun je het gewicht, de diepte of de steun aanpassen. Door maar één onderdeel tegelijk te veranderen, kun je beter volgen waarop je reageert.

Stel dat opstaan van een lage stoel lastig is. Begin dan eventueel met een hogere zitting en steun als dat nodig is. Gaat dat goed, dan kun je de oefening geleidelijk uitdagender maken. Forceer geen scherp pijnlijke beweging om een grens te halen.

En wat gebeurt er met het bindweefsel?

Spieren en bindweefsellagen bewegen niet los van elkaar. Ze zijn onderdeel van hetzelfde bewegingsapparaat. De illustratie laat die opbouw zien. Een grotere uitslag na oefenen zegt echter niet op zichzelf dat een bepaalde fasciale laag is ‘losgemaakt’. Het genoemde onderzoek mat lenigheid en kracht, geen verdwenen verklevingen. [1]

Wil je meer weten over die samenhang? Lees onze uitleg over fascia en soepel bewegen. Daar maken we onderscheid tussen anatomie, verklaringsmodellen en resultaten uit behandelonderzoek.

Maak vooruitgang concreet

Kies één handeling die je graag makkelijker wilt doen en beoordeel die na een periode van regelmatig oefenen opnieuw. Lukt ze verder, rustiger of met meer vertrouwen? Dat is informatiever dan iedere dag een maximale rek opzoeken.

Als klachten duidelijk toenemen, schaal de belasting terug. Blijf je beperkt of krijg je nieuwe klachten zoals krachtverlies, laat dan onderzoeken wat er speelt. Samen kun je een opbouw kiezen die past bij jouw uitgangspunt. Rekken, krachttraining en andere vormen van bewegen kunnen daarin naast elkaar bestaan.

Bronnen & verder lezen

  1. Rosenfeldt et al. (2024). Krachttraining versus statisch rekken: gerandomiseerd onderzoek naar lenigheid en kracht. Kleine studie met 18 deelnemers; geen behandelonderzoek bij patiënten met pijn.
  2. Verdieping: spieren, fascia en stijfheid. Anatomische achtergrond en aanvullende literatuur.

Afbeelding bekijken