Sphincter ani internus (inwendige anale sluitspier)

M. sphincter ani internus

Ook bekend als: inwendige anale sluitspier.

Vereenvoudigde dwarsdoorsneden: de binnenste gladde sluitspierring en de buitenste dwarsgestreepte sluitspierring. Overige lagen zijn niet volledig weergegeven.
Vereenvoudigde dwarsdoorsneden: de binnenste gladde sluitspierring en de buitenste dwarsgestreepte sluitspierring. Overige lagen zijn niet volledig weergegeven.
Transversus perinei superficialis: dwarslopende bundels naar het perineale lichaam.
Transversus perinei superficialis: dwarslopende bundels naar het perineale lichaam.
Diepe perineale laag tussen levator en membraan; recente bevindingen nuanceren het klassieke spiermodel.
Diepe perineale laag tussen levator en membraan; recente bevindingen nuanceren het klassieke spiermodel.

In het kort

De inwendige anale sluitspier is glad spierweefsel in de anale wand. Hij is anatomisch relevant, maar valt buiten het klassieke dwarsgestreepte-triggerpointmodel.

Anatomie

Een verdikking van de circulaire gladde spierlaag van de endeldarm, aan de binnenzijde van de uitwendige anale sluitspier. Hij omgeeft het anale kanaal en is geen vierde dwarsgestreepte laag van externus. De begrenzing met omliggende gladde spier en bindweefsel is in een schema vereenvoudigd.

Functie

Levert onwillekeurig een bijdrage aan het anale afsluitmechanisme. Je stuurt deze gladde spier niet op dezelfde manier bewust aan als de uitwendige sluitspier. Daarom is het klassieke model van een voelbaar triggerpoint in skeletspier hier niet rechtstreeks toepasbaar.

Pijn & uitstraling

Deze bron geeft geen afzonderlijke myofasciale triggerpointkaart voor de inwendige sluitspier. Anale pijn kan met meerdere anorectale structuren samenhangen; de externe-sfincterkaart wordt niet naar deze gladde spier gekopieerd.

Symptomen & beperkingen

  • Geen afzonderlijk gevalideerd myofasciaal symptoomprofiel voor deze structuur.
  • Bekken-, perineale of anale pijn identificeert niet vanzelf deze spier.

Belasting & onderhoudende factoren

Belasting, langdurig zitten, toiletgewoonten, eerdere klachten en spanning kunnen meespelen, maar zijn geen bewijs voor een plaatselijk vastzittende spier. De rol van de bekkenbodem wordt samen met lichamelijke en andere klachten beoordeeld.

Epidemiologie & onderzoek

De geraadpleegde literatuur biedt voor deze afzonderlijke structuur geen betrouwbare algemene triggerpointprevalentie. Onderzoeken bij geselecteerde mensen met chronische bekkenpijn beschrijven overlap van klachten en drukgevoelige plekken; die percentages gelden niet voor iedereen met bekkenklachten.

Klinische context

Afhankelijk van de klacht zijn onder meer urinewegen, darm en anus, gynaecologische oorzaken, zenuwgevoeligheid, huid en stuit relevant. Pijnlokalisatie alleen onderscheidt deze oorzaken niet. Nieuwe problemen met plassen, continentie of gevoel rond het kruis vragen directe beoordeling.

Zelfzorg bij sphincter ani internus

Bekkenbodemspieren werken samen bij steun, plassen, ontlasting en seksuele functies. Een pijnlijke bekkenbodem kan te gespannen zijn, maar pijn alleen zegt niet of meer kracht of juist ontspanning nodig is. Laat je individueel beoordelen voordat je inwendige zelfbehandeling overweegt.

De rustige ademhaling is bedoeld voor algemeen comfort, niet om een triggerpoint in internus te behandelen. Aanhoudende anale pijn of continentieverandering vraagt beoordeling; geen inwendige zelfdruk.

Belasting in je dag aanpassen

Onderbreek langdurig zitten en zoek een comfortabele drukverdeling. Bij stuitpijn kan afwisselen tussen zitten en staan prettiger zijn.

Let op onbewust aanspannen van buik, billen en bekkenbodem tijdens concentreren. Krachtig blijven knijpen is geen algemene oplossing voor bekkenpijn.

Ontspannen met rustige ademhaling

Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Ontspannen met rustige ademhaling. Stap voor stap uitgebeeld.
Een rustige startvariant. Volg de uitvoering, dosering en stopadviezen hieronder.
  1. Neem een comfortabele houding

    Lig op de rug met knieën gesteund of op de zij met een kussen tussen de benen.

  2. Adem rustig

    Laat de onderste ribben en buik vanzelf meebewegen. Forceer de ademhaling niet.

  3. Laat spanning los

    Ontspan kaak, buik en billen. Probeer de bekkenbodem niet omlaag te persen en knijp niet herhaald om te testen of het lukt.

Rustig opbouwen

Begin met 5 rustige ademhalingen in een comfortabele houding. Dit is een ontspanningsmoment, geen afzonderlijke behandeling van één bekkenbodemspier.

Wanneer stoppen? Stop als de bekkenpijn toeneemt. Bespreek pijn bij plassen, ontlasting of seks. Niet kunnen plassen, nieuw verlies van blaas- of darmcontrole of gevoelsverlies rond het kruis vraagt direct medische hulp.

Zelfmassage: wat past hier?

Geen inwendige druk-, rek- of wandtechnieken zonder een persoonlijk plan van een bekkenfysiotherapeut of andere bevoegde behandelaar. Zulke technieken vragen begeleiding en zijn geen algemene thuisinstructie. Gebruik ook uitwendig geen harde bal op het perineum.

Het effect beoordelen en verder opbouwen

Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.

Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.

Meer over fascia, stijfheid en bewegen →

Verwante spieren

Fysio Family · Rotterdam

Hulp bij jouw spierklachten

Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.

Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling

Plan een afspraak →

Bronnen en verdieping

Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.

Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen

Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.

  • In het kort: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Functie: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Klachten: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Belasting: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1566.
  • Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1578.
  • Zelfzorg bij sphincter ani internus: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1596, 1597, 1598.
  • Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1596, 1597, 1598.
  • Ontspannen met rustige ademhaling: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1596, 1597, 1598.
  • Ontspannen met rustige ademhaling: Thuisarts — wanneer hulp zoeken bij rugpijn
  • Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1596, 1597, 1598.
  • Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1596, 1597, 1598.
  • Illustratie 1: Vereenvoudigde dwarsdoorsneden: de binnenste gladde sluitspierring en de buitenste dwarsgestreepte sluitspierring. Overige lagen zijn niet volledig weergegeven. Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1567.
  • Illustratie 2: Transversus perinei superficialis: dwarslopende bundels naar het perineale lichaam. Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1567.
  • Illustratie 3: Diepe perineale laag tussen levator en membraan; recente bevindingen nuanceren het klassieke spiermodel. Donnelly, hoofdstuk 52, bronp. 1567.