Masseter (kauwspier)
M. Masseter
Ook bekend als: kauwspier, musculus masseter.

In het kort
De masseter levert kracht voor het sluiten van de kaak. Bij een myofasciaal pijnbeeld kan deze spier zowel kaakpijn als pijn rond kiezen, wang of oor geven en de mondopening beperken.
Anatomie
De spier ligt aan de buitenzijde van de onderkaaktak en bestaat uit oppervlakkige, middelste en diepe lagen. De vezels verbinden de jukboog met de kaaktak en het processus coronoideus.
Functie
De belangrijkste werking is het heffen van de onderkaak bij dichtbijten. Diepe vezels helpen ook bij terugtrekken en stabiliseren van de kaak; de spier heeft een kleinere bijdrage aan zijwaartse bewegingen.
Pijn & uitstraling
De oppervlakkige en diepe laag hebben verschillende beschreven patronen. Bovenin de oppervlakkige laag kan pijn naar bovenste kiezen, aangrenzend tandvlees en de bovenkaak gaan. Vanuit het middendeel wordt pijn naar onderste kiezen en de onderkaak beschreven. Laag bij de kaakhoek kan daarnaast een boog van pijn over de slaap en wenkbrauw ontstaan. De diepe laag kan diffuse wang- en kaakgewrichtspijn geven; hoog en achteraan bij de jukboogaanhechting kan pijn diep in het oor worden gevoeld. De kaarten laten deze delen afzonderlijk zien. Tand- en oorpijn hebben ook andere oorzaken en moeten zo nodig worden onderzocht.
Symptomen & beperkingen
- Pijn bij kauwen, mond openen of liggen op de aangedane kant.
- Moeite om de mond volledig of gecontroleerd te openen.
- Wang- of tandpijn; in beschreven gevallen ook tinnitus die door kaakbeweging verandert.
Belasting & onderhoudende factoren
Langdurig klemmen, nachtelijk knarsen en herhaalde kauwbelasting kunnen klachten onderhouden. Ook ver openen, bijvoorbeeld bij gapen, wordt als mogelijke provocatie beschreven.
Epidemiologie & onderzoek
Een aangehaalde studie bij 42 patiënten met myofasciale pijndisfunctie rapporteerde actieve masseter-triggerpoints bij 69%. Dit betreft een geselecteerde patiëntengroep, geen prevalentie onder alle mensen of alle patiënten met kaakpijn.
Klinische context
Gebitsproblemen en kaakgewrichtsaandoeningen moeten worden onderscheiden van spieruitstraling. De geraadpleegde literatuur noemt daarnaast trigeminusneuralgie, masseterhypertrofie en neoplasmata als relevante alternatieven.
Zelfzorg bij masseter
De masseter is een krachtige kauwspier. De hele dag ongemerkt klemmen kan de rusttijd tussen kauwmomenten verkorten. De zelfzorg hieronder vermindert die extra belasting en oefent een rustige mondopening; ze stelt niet vast of tandpijn werkelijk uit de spier komt.
Belasting in je dag aanpassen
Controleer tijdens concentreren een paar keer per dag of je tanden elkaar raken. In een ontspannen ruststand zijn de tanden iets van elkaar; de tongpunt kan losjes achter de boventanden tegen het gehemelte rusten.
Beperk tijdelijk kauwgom, nagelbijten en zeer taai eten als dit je klachten oproept. Blijf normaal eten binnen wat prettig lukt en voorkom dat je langdurig uitsluitend één kant gebruikt.
Kleine, gecontroleerde mondopening
Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Zoek de ruststand
Zit ontspannen voor een spiegel. Laat de schouders los en houd de tanden iets uit elkaar.
Open zonder kracht
Open de mond langzaam een klein stukje en sluit weer. Een lichte tongaanraking tegen het gehemelte kan helpen om de beweging rustig te houden.
Volg de reactie
Gebruik geen vingers om verder open te duwen. Maak de beweging kleiner wanneer de kaak afwijkt, blokkeert of meer pijn doet.
Probeer 5 rustige open-en-sluitbewegingen, eenmaal per dag. Eventuele uitwendige massage: 15 tot 30 seconden licht contact, daarna loslaten en beoordelen. Dit zijn voorzichtige startdoseringen, geen specifieke bewezen behandelduur.
Wanneer stoppen? Stop bij blokkeren van de kaak, toenemende tandpijn, zwelling of een duidelijk slechtere mondopening. Laat aanhoudende kies- of tandpijn door een tandarts beoordelen.
Zelfmassage: wat past hier?
Je kunt de buitenkant van de wang met schone vingertoppen zacht masseren terwijl de kaak ontspannen blijft. Blijf op het zachte spierdeel tussen jukbeen en kaakhoek; druk niet in het oor of tegen een pijnlijke tand. Inwendige druktechnieken zijn hier niet als zelfstandige thuisbehandeling opgenomen.
Het effect beoordelen en verder opbouwen
Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.
Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.
Hulp bij jouw spierklachten
Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.
Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling
Bronnen en verdieping
Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.
Onderzoek
- Sharav et al. (1978) — Muscle pain index in relation to pain, dysfunction, and dizziness associated with the myofascial pain-dysfunction syndrome
Klinisch observationeel onderzoek
De bron voor de in het boek genoemde 69% bij 42 geselecteerde patiënten. Dit is een klinische groep met pijn en functiestoornissen, geen schatting voor de algemene bevolking.
Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen
Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.
- In het kort: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 379.
- Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 380.
- Functie: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 383.
- Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 385.
- Klachten: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 386.
- Belasting: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 379.
- Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 390.
- Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 379.
- Zelfzorg bij masseter: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 397, 398, 399.
- Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 397, 398, 399.
- Kleine, gecontroleerde mondopening: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 397, 398, 399.
- Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 397, 398, 399.
- Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 397, 398, 399.
- Illustratie 1: Figure 8-2. Referred pain patterns arising from trigger points (TrPs) in the masseter muscle. Solid red shows essential referred pain zones, and the stippled areas are spillover pain zones. A. Referral patterns from TrPs near the musculotendinous junction of the superficial layer, upper portion. B. Referral patterns from TrPs in midmuscle of the superficial layer. C. Donnelly, hoofdstuk 8, bronp. 387.