Palmaris Longus (lange handpalmspier)
M. Palmaris Longus
Ook bekend als: lange handpalmspier, handpalmpees.

In het kort
De palmaris longus spant vooral het bindweefsel van de handpalm. Zijn beschreven uitstralingspijn onderscheidt zich door een oppervlakkig prikkelend gevoel, in plaats van alleen een diepe spierpijn.
Anatomie
In de gebruikelijke vorm begint de palmaris longus bij de mediale elleboogknobbel, de gemeenschappelijke buigspierpees en aangrenzende fascie en tussenschotten. De smalle spierbuik ligt relatief hoog in de onderarm en gaat over in een lange pees. Die loopt aan de handpalmzijde oppervlakkig over het flexorretinaculum en waaiert uit in de handpalmpeesplaat, de palmaire aponeurose. Deze peesplaat heeft normale lengte- en dwarsverbindingen met huid en vingers. De medianuszenuw verzorgt de spier. Hij kan aangeboren ontbreken, een omgekeerde spier-peesverhouding hebben of extra spierbuiken vertonen; zo’n variant is niet automatisch een aandoening.
Functie
Spant de palmaire fascie en helpt de pols licht buigen. De verbinding met huid en peesplaat helpt schuifkrachten in de handpalm opvangen. De spier is niet onmisbaar voor een sterke greep: in een onderzoek bij 418 Aziatische deelnemers verschilde de gemeten grip- en knijpkracht niet significant tussen mensen met en zonder deze spier. Dat zegt iets over de onderzochte handfunctie, niet over de oorzaak van pijn bij één persoon.
Pijn & uitstraling
Het beschreven patroon voelt oppervlakkig en fijn prikkelend, anders dan de diepe zeurende pijn die bij veel andere spierpatronen wordt beschreven. Het ligt centraal in de handpalm en kan naar de duimbasis en de distale handpalmplooi reiken, zonder in de vingers door te lopen. Soms doet het distale deel van de onderarm aan de handpalmzijde mee. De geraadpleegde literatuur geeft geen afzonderlijke betrouwbare uitstralingskaart voor de vele anatomische varianten of voor histologische vezeltypen.
Symptomen & beperkingen
- Een pijnlijke of prikkelende handpalm bij druk van een handvat.
- Moeite gereedschap stevig vast te houden door gevoeligheid van de handpalm.
- Klachten bij herhaalde handactiviteiten, bijvoorbeeld met een gespreide greep of veel duimbeweging.
Belasting & onderhoudende factoren
Druk van een schroevendraaier, tuingereedschap, racketgreep of hoekige wandelstokgreep wordt genoemd. Een val op een uitgestrekte hand en langdurig krachtig hol houden van de handpalm kunnen de spier eveneens belasten.
Epidemiologie & onderzoek
De geraadpleegde literatuur bespreekt veel anatomische variatie, zonder een algemeen cijfer voor triggerpointklachten. In een studie bij 462 tandheelkundige professionals verschilde de gemeten sensibele medianuszenuwfunctie over de pols niet tussen mensen met en zonder de palmarispees. Deze specifieke steekproef is niet representatief voor alle handklachten en het onderzoek meet geen triggerpointprevalentie. Een aanwezige pees is op zichzelf geen bewijs voor zenuwbeknelling.
Klinische context
Carpale-tunnelsyndroom, Guyon-kanaalsyndroom, duimbasisartrose en lokale peesproblemen kunnen handpalmpijn geven. Harde knobbels of strengen met een kromtrekkende vinger kunnen bij Dupuytren passen en moeten niet als een los te masseren palmaris-triggerpoint worden behandeld. Een anatomische spiervariant kan soms bijdragen aan echte zenuwcompressie; onderzoek is nodig om dat van gewone spieruitstraling te onderscheiden.
Zelfzorg bij palmaris longus
De palmaris longus loopt naar de peesplaat van de handpalm. Niet iedereen heeft deze spier. Druk van gereedschap op de handpalm en langdurig stevig grijpen kunnen relevant zijn; een pijnlijke handpalm betekent niet automatisch dat deze spier de oorzaak is.
Leg de onderarm zacht gesteund met de handpalm omhoog. Open vingers en duim rustig en beweeg de pols een klein stukje achterover; keer terug zonder aan vingers of handpalm te trekken. Wissel druk van gereedschap af en kies een passend, eventueel zachter handvat. Druk niet op harde strengen of midden over de pols en forceer bij duimartrose of hypermobiliteit geen extra rek.
Belasting in je dag aanpassen
Kies een handvat dat goed in de hand past en de druk verdeelt. Wissel gereedschapstaken af en voorkom dat het einde van een handvat steeds in dezelfde plek duwt.
Ontspan de greep zodra kracht niet nodig is. Gebruik bij langdurig werk korte pauzes voor handbeweging.
De handpalm rustig openen
Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Steun de onderarm
Leg de arm op een zachte ondergrond met de handpalm omhoog.
Open de vingers
Spreid de vingers rustig en beweeg de pols een klein stukje achterover, zonder te trekken.
Laat terugkomen
Keer terug naar een losse hand. Houd de duim comfortabel en forceer geen eindstand.
Begin met 5 rustige openbewegingen. Bij hypermobiele gewrichten of duimartrose geen extra rek naar de uiterste stand.
Wanneer stoppen? Stop bij tintelingen, scherpe pols- of duimpijn of meer moeite om de hand te openen.
Zelfmassage: wat past hier?
Lichte uitwendige massage van het zachte onderarmgebied kan worden geprobeerd. Druk niet hard op de middenlijn van de pols. Een harde streng, kromtrekkende vinger of pijn in een duimgewricht vraagt een andere beoordeling dan een spierkaart.
Het effect beoordelen en verder opbouwen
Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.
Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.
Hulp bij jouw spierklachten
Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.
Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling
Bronnen en verdieping
Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.
Onderzoek
- Werner & Spiegelberg (2012) — Does the presence of the palmaris longus tendon influence median nerve function?
Dwarsdoorsnedeonderzoek
Bij 462 tandheelkundige professionals werd geen verband gevonden tussen aanwezigheid van de pees en mediane zenuwfunctie. Dit onderzoekt een anatomische variant en zenuwgeleiding, geen triggerpointprevalentie.
- Sebastin et al. (2005) — Does the absence of the palmaris longus affect grip and pinch strength?
Vergelijkend observationeel onderzoek
Bij 418 Aziatische deelnemers werd geen significant verschil in grip- of knijpkracht gevonden tussen mensen met en zonder palmaris longus. Dit betreft handfunctie bij deze steekproef, geen behandeling of verklaring van handpalmpijn.
Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen
Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.
- In het kort: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1121.
- Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1121.
- Functie: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1126.
- Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1127.
- Klachten: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1130.
- Belasting: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1133.
- Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1123.
- Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1134.
- Zelfzorg bij palmaris longus: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1135, 1136, 1138.
- Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1135, 1136, 1138.
- De handpalm rustig openen: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1135, 1136, 1138.
- Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1135, 1136, 1138.
- Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1135, 1136, 1138.
- Illustratie 1: Figure 37.2. Patterns of the referred prickling sensation (dark red) arising from TrPs in a right palmaris longus muscle (light red) in its usual configuration. The referred sensation is described as a superficial painful prickle, rather than an aching pain. The belly of this variable muscle, and therefore its TrPs, may lie high or low in the forearm. Donnelly, hoofdstuk 37, bronp. 1130.