Quadratus plantae (vierkante voetzoolspier)

M. quadratus plantae

Ook bekend als: flexor accessorius, vierkante voetzoolspier.

Quadratus plantae: centraal aan de voetzoolzijde van de hiel.
Quadratus plantae: centraal aan de voetzoolzijde van de hiel.
Twee oorsprongen bij het hielbeen; de quadratus plantae sluit aan op de lange teenbuigpees in de voetzool.
Twee oorsprongen bij het hielbeen; de quadratus plantae sluit aan op de lange teenbuigpees in de voetzool.

In het kort

De vierkante voetzoolspier ligt in de tweede laag en trekt aan de pees van de lange teenbuiger. Het beschreven pijnpatroon ligt aan de voetzoolzijde van de hiel.

Anatomie

Een diepe spier in de tweede voetzoollaag, met meestal een mediale en laterale oorsprong aan het hielbeen en aangrenzende bindweefselstructuren. Hij sluit in de middenzool aan op de pees van flexor digitorum longus waar die zich verder naar de kleine tenen verdeelt. De spier hecht dus aan een pees aan, niet rechtstreeks aan ieder teenkootje. Aanleg en peesverbindingen variëren.

Functie

Helpt de schuine trek van flexor digitorum longus omzetten in gerichtere teenflexie. Een bijdrage als actieve versteviging van de longitudinale voetbogen wordt in de bron als een mogelijke aanvullende rol besproken.

Pijn & uitstraling

De klinische kaart heeft de kern midden onder de hiel, met een beperkte rand eromheen. Die plek overlapt met andere veelvoorkomende oorzaken van hielpijn. De kaart maakt niet duidelijk of quadratus plantae, de voetzoolplaat, een zenuw of een andere structuur de klacht veroorzaakt.

Symptomen & beperkingen

  • Pijn bij de plantaire hiel tijdens staan of lopen.
  • Bij diepe voetzoolspierklachten kan een gevoel van druk of een opgevouwen sok voorkomen; dit is niet specifiek voor quadratus plantae.

Belasting & onderhoudende factoren

Te korte of nauwe schoenen, stijve zolen, teen- of voettrauma en ongebruikelijke belasting op een ongelijke ondergrond worden in de geraadpleegde literatuur genoemd. Deze factoren zijn grotendeels voor de intrinsieke voetspieren samen beschreven.

Epidemiologie & onderzoek

De geraadpleegde literatuur benadrukt dat er weinig gepubliceerde studies naar de verwijzingspatronen van intrinsieke voetspieren zijn. Voor deze spier wordt geen afzonderlijke bevolkingsprevalentie van triggerpoints gegeven.

Klinische context

Gewrichts- of peespathologie, een stressfractuur, zenuwirritatie, neuropathie en vaatproblemen kunnen voetpijn veroorzaken. Drukpijn of een getekend verwijzingspatroon stelt de oorzaak niet zelfstandig vast. Plantaire fasciopathie, hielvetkussenproblemen en calcaneusletsel zijn relevante alternatieven.

Zelfzorg bij quadratus plantae

De kleine voetspieren sturen de tenen en helpen de voet tijdens staan en lopen aanpassen. Ze werken samen met de lange spieren uit het onderbeen. Een oefening kan die samenwerking trainen, maar isoleert niet elk klein spiertje afzonderlijk.

Oefen een kleine actieve voetboog terwijl hiel en bal van de voet blijven steunen en de tenen lang blijven. Begin met vijf lichte aanspanningen. Als je een zachte bal gebruikt, doe dat zittend met weinig druk en kort; geen maximaal lichaamsgewicht op een golfbal. Vermijd harde druk op een pijnlijke hiel. Bij verminderd gevoel, wondjes of vaatproblemen geen druk-/koudebehandeling zonder persoonlijk advies.

Belasting in je dag aanpassen

Kies schoenen waarin de tenen zowel in de lengte als in de breedte ruimte hebben. Een knellende teenbox kan oefenen onnodig onprettig maken.

Bouw een verandering in loopafstand, ondergrond of schoeisel geleidelijk op. Steunzolen of teenspreiders zijn geen automatische oplossing voor iedere voetklacht.

Voetboog en tenen rustig sturen

Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Voetboog en tenen rustig sturen. Stap voor stap uitgebeeld.
Een rustige startvariant. Volg de uitvoering, dosering en stopadviezen hieronder.
  1. Zet de voet ontspannen neer

    Zit op een stoel met hiel en voorvoet op de grond.

  2. Maak de voetboog iets actiever

    Probeer de bal van de grote teen heel licht richting hiel te brengen zonder de tenen te krullen. De voet blijft op de ondergrond.

  3. Laat los en spreid

    Ontspan volledig en probeer daarna de tenen rustig iets uit elkaar te bewegen. Gebruik weinig kracht.

Rustig opbouwen

Begin met 5 korte pogingen van enkele seconden, steeds afgewisseld met volledige ontspanning. Dit is een lichte start voor de voetspieren, geen universeel optimaal oefenschema.

Wanneer stoppen? Stop bij scherpe voorvoetpijn, tintelingen, kramp die aanhoudt of meer pijn bij lopen. Roodheid, warmte, een wond of een plots dikke voet vraagt beoordeling.

Zelfmassage: wat past hier?

Een zachte bal onder de voetzool kan zittend met heel weinig lichaamsgewicht kort worden gebruikt. Druk niet op een pijnlijke botkop, wond of gevoelloos gebied. Bij verminderde voetsensibiliteit, diabetesvoetproblemen of vaatproblemen eerst advies vragen. Gebruik geen harde golfbal of directe ijsdruk als standaardstart.

Het effect beoordelen en verder opbouwen

Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.

Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.

Meer over fascia, stijfheid en bewegen →

Verwante spieren

Fysio Family · Rotterdam

Hulp bij jouw spierklachten

Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.

Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling

Plan een afspraak →

Bronnen en verdieping

Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.

Onderzoek

Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen

Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.

  • In het kort: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2177.
  • Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2177.
  • Functie: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2185.
  • Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2188.
  • Klachten: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2191.
  • Belasting: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2198.
  • Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2187.
  • Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2201.
  • Zelfzorg bij quadratus plantae: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Voetboog en tenen rustig sturen: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Illustratie 1: Quadratus plantae: centraal aan de voetzoolzijde van de hiel. Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2191.
  • Illustratie 2: Twee oorsprongen bij het hielbeen; de quadratus plantae sluit aan op de lange teenbuigpees in de voetzool. Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2191.