Semitendinosus (halfpezige spier)

M. semitendinosus

Ook bekend als: halfpezige spier, mediale hamstring.

Biceps femoris: lange kop vanaf het zitbeen, korte kop vanaf het femur en gezamenlijke pees naar de kuitbeenkop.
Biceps femoris: lange kop vanaf het zitbeen, korte kop vanaf het femur en gezamenlijke pees naar de kuitbeenkop.
Semitendinosus: lange distale pees om de binnenknie heen naar de pes anserinus aan de voor-binnenzijde van de tibia.
Semitendinosus: lange distale pees om de binnenknie heen naar de pes anserinus aan de voor-binnenzijde van de tibia.
Gedeeld pijnpatroon van de mediale hamstrings: hoog achter-binnenste bovenbeen, met mogelijke uitbreiding langs binnenknie en kuit. De inzetten tonen het verschil tussen de korte insertie van semimembranosus en de lange pees van semitendinosus naar de pes anserinus.
Gedeeld pijnpatroon van de mediale hamstrings: hoog achter-binnenste bovenbeen, met mogelijke uitbreiding langs binnenknie en kuit. De inzetten tonen het verschil tussen de korte insertie van semimembranosus en de lange pees van semitendinosus naar de pes anserinus.

In het kort

De halfpezige spier vormt de oppervlakkige mediale hamstring. Zijn lange eindpees loopt naar de binnenzijde van het scheenbeen.

Anatomie

Een oppervlakkige hamstring aan de achter-binnenzijde. Hij begint op de zitbeenknobbel met een gemeenschappelijke proximale pees met de lange kop van biceps femoris. Lager in het bovenbeen gaat de relatief slanke spier over in een lange distale pees. Die buigt om de binnenzijde van de knie heen en hecht op het bovenste voor-binnenste scheenbeen aan, als onderdeel van de pes anserinus met sartorius en gracilis. Hij eindigt niet op de kuitbeenkop of knieschijf. Een peesachtige tussenschotzone kan de spier in opeenvolgende compartimenten verdelen; daaruit volgt geen apart pijngebied voor ieder compartiment.

Functie

Helpt de heup strekken en de knie buigen. Bij een gebogen knie kan hij het onderbeen naar binnen draaien. Beide gewrichtsstanden beïnvloeden zijn lengte, waardoor dezelfde kniebeweging anders kan aanvoelen als de heup meer of minder gebogen is. De lange distale pees en het oppervlakkige verloop onderscheiden hem anatomisch van semimembranosus. Een trekgevoel aan de binnenknie is op zichzelf geen bewijs dat alleen deze spier verkort of aangedaan is.

Pijn & uitstraling

Semitendinosus en semimembranosus delen in de geraadpleegde literatuur één pijnkaart. De kenmerkende kern ligt hoog aan de achter-binnenzijde van het bovenbeen, vlak onder de bilplooi bij het zitbeen. Mogelijke uitbreiding loopt langs de achter-binnenzijde van het bovenbeen, door de binnenste knieholteregio en soms verder langs de binnenzijde van de kuit. Op basis van dit patroon is niet vast te stellen welke van de twee spieren betrokken is. Pijn rond het zitbeen kan ook uit de hamstringpees, slijmbeurs, heup of lage rug komen; uitstraling naar de kuit kan eveneens een zenuwoorzaak hebben.

Symptomen & beperkingen

  • Pijn bij lopen of hardlopen en bij zitten op een harde rand.
  • Een scherp gevoelde strook aan de posteromediale dij of hinder bij opstaan uit een stoel.

Belasting & onderhoudende factoren

Stoelranden die het achterste bovenbeen samendrukken, langdurig gebogen heupen en knieën, krachtige trappen en excentrisch afremmen kunnen de spier belasten.

Epidemiologie & onderzoek

De geraadpleegde literatuur geeft geen afzonderlijke prevalentie van triggerpoints voor deze spier. Cijfers voor de spiergroep of voor patiënten met een bepaald pijnsyndroom mogen niet als een spier-specifiek bevolkingscijfer worden gelezen.

Klinische context

Uitstraling langs het achterbeen is niet automatisch een triggerpoint of ischias. Onder andere hamstringpeesklachten, acute spier-/peesbeschadiging, knieproblemen en prikkeling vanuit rug of zenuwen kunnen erop lijken. Een plotselinge knap, blauwe verkleuring, duidelijke krachtsafname of niet goed kunnen belasten vraagt beoordeling vóór verder rekken. Nieuwe gevoelsuitval of toenemende zwakte past niet bij doortrainen op eigen initiatief.

Zelfzorg bij semitendinosus

De hamstrings buigen de knie en helpen de heup strekken. De binnenste en buitenste spieren hebben verschillende uitstralingsgebieden. Een trekkend gevoel achter het been kan ook met zenuwgevoeligheid te maken hebben; langdurig hard rekken is dan niet vanzelfsprekend passend.

Gebruik de gesteunde knie-opening met ontspannen enkel. Kies een kleine beweging waarbij de rug en het bekken rustig blijven. Houd het been recht vooruit en draai de voet niet geforceerd om één mediale hamstring te willen isoleren. Vermijd harde druk op de pes anserinus aan de binnenknie. Wissel langdurig zitten af en voorkom een harde stoelrand tegen de achterzijde van het bovenbeen. Bouw belasting geleidelijk op; langer of harder rekken is geen voorwaarde voor herstel.

Belasting in je dag aanpassen

Onderbreek lang zitten en voorkom dat een harde stoelrand voortdurend tegen de achterkant van het bovenbeen drukt.

Bouw sprinten, heuvels en zware heupbuigoefeningen rustig op. Neem na een duidelijke toename in belasting voldoende herstelruimte.

Rustige knie-opening met ondersteund bovenbeen

Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Rustige knie-opening met ondersteund bovenbeen. Stap voor stap uitgebeeld.
Een rustige startvariant. Volg de uitvoering, dosering en stopadviezen hieronder.
  1. Ga op de rug liggen

    Buig beide knieën en ondersteun één bovenbeen met de handen erachter.

  2. Open de knie klein

    Strek die knie langzaam tot vóór een duidelijke rek of zenuwsensatie. Houd de enkel ontspannen.

  3. Buig weer terug

    Kom terug zonder aan de voet te trekken. Laat het been daarna rustig zakken.

Rustig opbouwen

Begin met 5 kleine bewegingen. Dit is een rustige startvariant; grotere of langdurige rek alleen als er geen tintelingen of toenemende beenuitstraling zijn.

Wanneer stoppen? Stop bij tintelingen, gevoelloosheid of pijn die verder naar de voet trekt. Een knap met blauwe plek en krachtsverlies vraagt beoordeling.

Zelfmassage: wat past hier?

Lichte massage kan op het zachte midden van het achterste bovenbeen. Druk niet op het zitbeen, in de knieholte of op een plek die tintelingen opwekt. Bij een recente scheur, blauwe plek of acute blessure geen diepe massage.

Het effect beoordelen en verder opbouwen

Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.

Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.

Meer over fascia, stijfheid en bewegen →

Verwante spieren

Fysio Family · Rotterdam

Hulp bij jouw spierklachten

Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.

Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling

Plan een afspraak →

Bronnen en verdieping

Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.

Onderzoek

Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen

Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.

  • In het kort: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1877.
  • Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1877.
  • Functie: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1884.
  • Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1886.
  • Klachten: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1887.
  • Belasting: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1892.
  • Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1896.
  • Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1896.
  • Zelfzorg bij semitendinosus: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1901, 1902, 1903, 1905, 1906.
  • Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1901, 1902, 1903, 1905, 1906.
  • Rustige knie-opening met ondersteund bovenbeen: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1901, 1902, 1903, 1905, 1906.
  • Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1901, 1902, 1903, 1905, 1906.
  • Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1901, 1902, 1903, 1905, 1906.
  • Illustratie 1: Biceps femoris: lange kop vanaf het zitbeen, korte kop vanaf het femur en gezamenlijke pees naar de kuitbeenkop. Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1879.
  • Illustratie 2: Semitendinosus: lange distale pees om de binnenknie heen naar de pes anserinus aan de voor-binnenzijde van de tibia. Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1879.
  • Illustratie 3: Gedeeld pijnpatroon van de mediale hamstrings: hoog achter-binnenste bovenbeen, met mogelijke uitbreiding langs binnenknie en kuit. De inzetten tonen het verschil tussen de korte insertie van semimembranosus en de lange pees van semitendinosus naar de pes anserinus. Donnelly, hoofdstuk 60, bronp. 1888.