Extensor digitorum brevis

M. extensor digitorum brevis

Ook bekend als: korte tenenstrekker, EDB.

Korte teenstrekkers vanaf de buiten-bovenzijde van het hielbeen: drie pezen naar teen 2–4, en de korte grote-teenstrekker naar het eerste kootje van de hallux.
Korte teenstrekkers vanaf de buiten-bovenzijde van het hielbeen: drie pezen naar teen 2–4, en de korte grote-teenstrekker naar het eerste kootje van de hallux.
Korte teenstrekkers: gezamenlijk beschreven pijngebied op de proximale voetrug, met mogelijke uitbreiding over de middenvoet.
Korte teenstrekkers: gezamenlijk beschreven pijngebied op de proximale voetrug, met mogelijke uitbreiding over de middenvoet.

In het kort

De korte tenenstrekker ligt boven op de voet en loopt vanaf het hielbeen naar teen 2–4. De mediale grote-teenslip wordt apart als extensor hallucis brevis behandeld.

Anatomie

Ontspringt aan het boven-buitenste calcaneusoppervlak, het interossale talocalcaneale ligament en het onderste extensorretinaculum. De drie laterale pezen sluiten aan op de laterale kanten van de extensor-digitorum-longuspezen van teen 2–4. Extra of ontbrekende slippen komen voor.

Functie

Helpt teen 2–4 strekken via hun lange-strekpeesapparaat. De bijdrage tijdens lopen varieert en wordt door de bron niet als één vast rekruteringspatroon beschreven.

Pijn & uitstraling

De geraadpleegde literatuur tekent een gezamenlijk patroon met extensor hallucis brevis op de voetrug ter hoogte van de middenvoet. Voor extensor digitorum brevis wordt daarnaast mogelijke verwijzing naar de mediale voetboog genoemd. De gedeelde kaart is daarom bij beide spieren als gedeeld aangeduid; hij mag niet als twee onafhankelijk bevestigde patronen worden gelezen.

Symptomen & beperkingen

  • Pijn op de voetrug bij lopen of schoendruk.
  • De gecombineerde kaart onderscheidt EDB niet zelfstandig van de naastliggende korte grote-teenstrekker.

Belasting & onderhoudende factoren

Te korte of nauwe schoenen, stijve zolen, teen- of voettrauma en ongebruikelijke belasting op een ongelijke ondergrond worden in de geraadpleegde literatuur genoemd. Deze factoren zijn grotendeels voor de intrinsieke voetspieren samen beschreven.

Epidemiologie & onderzoek

De geraadpleegde literatuur benadrukt dat er weinig gepubliceerde studies naar de verwijzingspatronen van intrinsieke voetspieren zijn. Voor deze spier wordt geen afzonderlijke bevolkingsprevalentie van triggerpoints gegeven.

Klinische context

Gewrichts- of peespathologie, een stressfractuur, zenuwirritatie, neuropathie en vaatproblemen kunnen voetpijn veroorzaken. Drukpijn of een getekend verwijzingspatroon stelt de oorzaak niet zelfstandig vast. Ook druk door schoeisel, extensorpeesklachten en diepe fibulaire zenuwirritatie zijn relevant.

Zelfzorg bij extensor digitorum brevis

De kleine voetspieren sturen de tenen en helpen de voet tijdens staan en lopen aanpassen. Ze werken samen met de lange spieren uit het onderbeen. Een oefening kan die samenwerking trainen, maar isoleert niet elk klein spiertje afzonderlijk.

Oefen kleine teenheffingen met hiel en bal van de voet op de grond. Ook de lange teenstrekkers doen mee; deze oefening is niet selectief voor één korte strekker. Bij drukpijn op de voetrug controleer je schoenruimte en veters. Geen harde massage op zichtbare pezen of botranden, en geen maximale teenrek bij een pijnlijk gewricht.

Belasting in je dag aanpassen

Kies schoenen waarin de tenen zowel in de lengte als in de breedte ruimte hebben. Een knellende teenbox kan oefenen onnodig onprettig maken.

Bouw een verandering in loopafstand, ondergrond of schoeisel geleidelijk op. Steunzolen of teenspreiders zijn geen automatische oplossing voor iedere voetklacht.

Voetboog en tenen rustig sturen

Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Voetboog en tenen rustig sturen. Stap voor stap uitgebeeld.
Een rustige startvariant. Volg de uitvoering, dosering en stopadviezen hieronder.
  1. Zet de voet ontspannen neer

    Zit op een stoel met hiel en voorvoet op de grond.

  2. Maak de voetboog iets actiever

    Probeer de bal van de grote teen heel licht richting hiel te brengen zonder de tenen te krullen. De voet blijft op de ondergrond.

  3. Laat los en spreid

    Ontspan volledig en probeer daarna de tenen rustig iets uit elkaar te bewegen. Gebruik weinig kracht.

Rustig opbouwen

Begin met 5 korte pogingen van enkele seconden, steeds afgewisseld met volledige ontspanning. Dit is een lichte start voor de voetspieren, geen universeel optimaal oefenschema.

Wanneer stoppen? Stop bij scherpe voorvoetpijn, tintelingen, kramp die aanhoudt of meer pijn bij lopen. Roodheid, warmte, een wond of een plots dikke voet vraagt beoordeling.

Zelfmassage: wat past hier?

Een zachte bal onder de voetzool kan zittend met heel weinig lichaamsgewicht kort worden gebruikt. Druk niet op een pijnlijke botkop, wond of gevoelloos gebied. Bij verminderde voetsensibiliteit, diabetesvoetproblemen of vaatproblemen eerst advies vragen. Gebruik geen harde golfbal of directe ijsdruk als standaardstart.

Het effect beoordelen en verder opbouwen

Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.

Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.

Meer over fascia, stijfheid en bewegen →

Verwante spieren

Fysio Family · Rotterdam

Hulp bij jouw spierklachten

Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.

Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling

Plan een afspraak →

Bronnen en verdieping

Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.

Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen

Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.

  • In het kort: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2181.
  • Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2181.
  • Functie: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2185.
  • Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2190.
  • Klachten: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2191.
  • Belasting: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2198.
  • Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2187.
  • Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2201.
  • Zelfzorg bij extensor digitorum brevis: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Voetboog en tenen rustig sturen: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2202, 2203, 2204, 2205, 2206, 2207.
  • Illustratie 1: Korte teenstrekkers vanaf de buiten-bovenzijde van het hielbeen: drie pezen naar teen 2–4, en de korte grote-teenstrekker naar het eerste kootje van de hallux. Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2179.
  • Illustratie 2: Korte teenstrekkers: gezamenlijk beschreven pijngebied op de proximale voetrug, met mogelijke uitbreiding over de middenvoet. Donnelly, hoofdstuk 70, bronp. 2195.