Rhomboidei
Mm. Rhomboideus Major et Minor
Afzonderlijke spieren
In het kort
Overzicht: De rhomboidei zijn twee spieren tussen wervelkolom en schouderblad. Hun beschreven pijn blijft meestal rond de binnenrand van het schouderblad en straalt doorgaans niet door naar de arm.
Anatomie
De rhomboideus minor verbindt de onderste nekband en C7–T1 met de wortel van de schouderbladkam. De rhomboideus major loopt van T2–T5 naar de mediale schouderbladrand onder die kam. Beide liggen diep ten opzichte van de trapezius.
Functie
De rhomboidei trekken het schouderblad naar de wervelkolom, helpen het heffen en dragen bij aan neerwaartse rotatie. Ze stabiliseren het schouderblad tijdens tillen, duwen en trekken, zodat andere schouderspieren vanuit een bruikbare basis kunnen werken.
Pijn & uitstraling
De pijn ligt langs de mediale schouderbladrand, tussen schouderblad en rugspieren. Hij kan omhoog en naar buiten over de schouderbladkam en het supraspinatusgebied lopen. Uitstraling naar de arm is geen typisch rhomboideuspatroon.
Symptomen & beperkingen
- Een oppervlakkig zeurende pijn tussen schouderblad en wervelkolom, ook in rust.
- De neiging over het gebied te wrijven of er druk op te zoeken.
- Soms een knappend of schurend gevoel bij schouderbladbeweging.
Belasting & onderhoudende factoren
Langdurig met opgeheven armen werken, zoals schilderen boven het hoofd, kan de rhomboidei belasten. Ook lang voorovergebogen bureauwerk met vooruitgeschoven schouders wordt beschreven; de belasting van de overige schouderbladspieren hoort in dezelfde beoordeling thuis.
Epidemiologie & onderzoek
De geraadpleegde literatuur benadrukt dat de literatuur over rhomboideus-triggerpoints beperkt is en dat ze minder vaak worden beschreven dan triggerpoints in andere schoudergordelspieren. Ze worden vaak samen met andere bovenlichaamsklachten gevonden; een betrouwbaar algemeen prevalentiepercentage wordt niet gegeven.
Klinische context
Andere spieren rond het schouderblad, cervicale zenuwwortel- of discusproblemen en borstkasgewrichten kunnen hetzelfde gebied beïnvloeden. De geraadpleegde literatuur noemt ook verwijspijn vanuit onder meer hart, longen en bovenbuikorganen; onverklaarde interscapulaire pijn vraagt daarom een bredere beoordeling.
Hulp bij jouw spierklachten
Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.
Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling
Bronnen en verdieping
Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.
Onderzoek
- Sari et al. (2012) — Active myofascial trigger points might be more frequent in patients with cervical radiculopathy
Klinisch vergelijkend onderzoek
De rhomboideus major en minor werden onderzocht bij 244 patiënten met cervicale radiculopathie en 122 controles. Dit ondersteunt de beschreven samenhang met andere nek- en schouderaandoeningen.
Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen
Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.
- In het kort: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 850.
- Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 851.
- Functie: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 854.
- Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 857.
- Klachten: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 858.
- Belasting: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 865.
- Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 859.
- Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 27, bronp. 866.