Spinalis thoracis (doornspier borstregio)

M. spinalis thoracis

Ook bekend als: doornspier borstregio.

Iliocostalis thoracis: buitenste rugspierkolom en ribverbindingen.
Iliocostalis thoracis: buitenste rugspierkolom en ribverbindingen.
Longissimus thoracis als middelste kolom van de lange rugstrekkers. Alleen de ribsegmenten binnen de thoracale uitsnede zijn afgebeeld; diepere wervelaanhechtingen zijn niet zichtbaar.
Longissimus thoracis als middelste kolom van de lange rugstrekkers. Alleen de ribsegmenten binnen de thoracale uitsnede zijn afgebeeld; diepere wervelaanhechtingen zijn niet zichtbaar.
Spinalis thoracis: binnenste rugspierkolom tussen doornuitsteeksels.
Spinalis thoracis: binnenste rugspierkolom tussen doornuitsteeksels.

In het kort

Spinalis thoracis is de meest mediale lange rugstrekker en verbindt doornuitsteeksels in de borstregio.

Anatomie

De spinalis thoracis is de smalle binnenste kolom van de lange rugspieren, direct naast de doornuitsteeksels. Hij verbindt lagere doornuitsteeksels in de onderste borst- en bovenste lendenregio met hogere doornuitsteeksels in de borstregio. De omvang, het aantal bundels en de afgrenzing ten opzichte van de longissimus verschillen. Het kenmerkende onderscheid is de verbinding tussen doornuitsteeksels; ribaanhechtingen horen vooral bij de meer laterale kolommen.

Functie

Draagt samen met de andere lange rugspieren bij aan strekken en houdingscontrole. Hij wordt bij gewone bewegingen niet afzonderlijk gebruikt. Een anatomisch benoemde kolom heeft niet noodzakelijk een uniek klachtenpatroon of een aparte oefening nodig.

Pijn & uitstraling

De geraadpleegde literatuur geeft voor de spinalis thoracis geen afzonderlijke goed onderbouwde verwijzingskaart. Een algemene lange-rugspierkaart kan daarom niet zonder meer als zijn eigen patroon worden gebruikt. De figuur bij dit profiel toont zijn ligging en aanhechtingen; pijn naast de wervelkolom moet breder worden onderzocht.

Symptomen & beperkingen

  • Een spier-specifiek triggerpoint-symptoomprofiel ontbreekt in deze uitleg.

Belasting & onderhoudende factoren

Langdurig gebogen of gedraaid werken, een plotselinge combinatie van buigen en draaien en compensatie voor onvoldoende heup- of rompkracht worden in deze uitleg voor de paraspinale spieren genoemd.

Epidemiologie & onderzoek

De geraadpleegde literatuur geeft geen afzonderlijke prevalentie van triggerpoints voor deze spier. Cijfers voor de spiergroep of voor patiënten met een bepaald pijnsyndroom mogen niet als een spier-specifiek bevolkingscijfer worden gelezen.

Klinische context

Wervel- of ribgewrichtsproblematiek, een zenuwwortelaandoening, inflammatoire of andere spierziekte en gerefereerde pijn uit inwendige organen kunnen vergelijkbare rugklachten geven.

Zelfzorg bij spinalis thoracis

De rugspieren naast de wervelkolom werken in oppervlakkige en diepe lagen. Ze begeleiden buigen, strekken en draaien. De thuisoefeningen richten zich op de rug als functioneel geheel; een diepe multifidus of rotator kan niet afzonderlijk met een bal worden losgemaakt.

Gebruik de gezamenlijke rustige rugoefening. Plaats een eventuele zachte bal op de spier naast de wervelkolom, nooit op de scherpe middenlijn. Je hoeft geen afzonderlijke spinalis te vinden of los te drukken.

Belasting in je dag aanpassen

Wissel lang zitten of voorover werken af met staan en lopen. Gebruik steun wanneer dat een taak prettiger maakt.

Verdeel zware tilwerkzaamheden en houd voorwerpen dichtbij. Een comfortabele variatie in tillen is belangrijker dan de rug voortdurend stijf vastzetten.

Eén knie rustig naar je toe

Kies een kleine, rustige beweging die je goed kunt controleren. De uitvoering hieronder is een patiëntvriendelijke startvariant; een persoonlijk oefenplan kan hiervan afwijken.

Eén knie rustig naar je toe. Stap voor stap uitgebeeld.
Een rustige startvariant. Volg de uitvoering, dosering en stopadviezen hieronder.
  1. Ga op de rug liggen

    Buig beide knieën en zet de voeten neer op een comfortabele ondergrond.

  2. Ondersteun één bovenbeen

    Pak achter het bovenbeen en breng de knie rustig iets richting de borst. Trek niet aan een pijnlijke knie.

  3. Wissel rustig

    Zet de voet terug en herhaal met het andere been. Blijf binnen een prettige beweging en adem door.

Rustig opbouwen

Begin met 3 rustige bewegingen per kant, zonder lange eindstand. Dit is een milde variant van de knie-naar-borstoefening.

Wanneer stoppen? Stop bij toenemende beenuitstraling, tintelingen of zwakte. Bij plotselinge problemen met plassen of ontlasting, gevoelsverlies rond het kruis of nieuw krachtsverlies in een been: direct huisarts of huisartsen-spoedpost.

Zelfmassage: wat past hier?

Een zachte bal tegen de muur kan alleen lichte druk geven naast de wervelkolom. Blijf weg van de wervels zelf en de onderste ribben. Gebruik geen diepe druk in de flank. Een gevoelige plek vertelt op zichzelf niet welke rugstructuur de pijn veroorzaakt.

Het effect beoordelen en verder opbouwen

Kies eerst één aanpassing of oefening. Vergelijk daarna een gewone activiteit die voor jou lastig was, en kijk ook hoe het later op de dag en de volgende ochtend gaat. Een tijdelijke prettige sensatie is niet hetzelfde als herstel van de belastbaarheid.

Gaat het goed, bouw dan één onderdeel tegelijk op: iets vaker bewegen, iets verder bewegen of later wat meer weerstand. Worden klachten duidelijk erger, verminder dan de belasting en bespreek wat er gebeurt. Blijf je beperkt in dagelijkse activiteiten, laat dan ook andere mogelijke oorzaken onderzoeken.

Meer over fascia, stijfheid en bewegen →

Verwante spieren

Fysio Family · Rotterdam

Hulp bij jouw spierklachten

Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.

Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling

Plan een afspraak →

Bronnen en verdieping

Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.

Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen

Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.

  • In het kort: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1420.
  • Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1420.
  • Functie: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1427.
  • Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1430.
  • Klachten: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1432.
  • Belasting: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1440.
  • Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1430.
  • Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1434.
  • Zelfzorg bij spinalis thoracis: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1446, 1447, 1448, 1449.
  • Belasting in je dag aanpassen: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1446, 1447, 1448, 1449.
  • Eén knie rustig naar je toe: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1446, 1447, 1448, 1449.
  • Eén knie rustig naar je toe: Thuisarts — wanneer hulp zoeken bij rugpijn
  • Zelfmassage: wat past hier?: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1446, 1447, 1448, 1449.
  • Het effect beoordelen en verder opbouwen: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1446, 1447, 1448, 1449.
  • Illustratie 1: Iliocostalis thoracis: buitenste rugspierkolom en ribverbindingen. Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1422.
  • Illustratie 2: Longissimus thoracis als middelste kolom van de lange rugstrekkers. Alleen de ribsegmenten binnen de thoracale uitsnede zijn afgebeeld; diepere wervelaanhechtingen zijn niet zichtbaar. Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1422.
  • Illustratie 3: Spinalis thoracis: binnenste rugspierkolom tussen doornuitsteeksels. Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1422.