Thoracolumbale paraspinale spieren

Mm. erector spinae, multifidi et rotatores

Afzonderlijke spieren

Iliocostalis thoracis

Iliocostalis lumborum

Longissimus thoracis

Spinalis thoracis

Semispinalis thoracis

Multifidus

Rotatores breves

Rotatores longi

In het kort

De rugspieren naast de wervelkolom vormen meerdere oppervlakkige en diepe lagen. Hun pijnpatronen verschillen per spier en wervelniveau: rugpijn kan samengaan met verwijzing naar borstwand, buik of bil.

Anatomie

De oppervlakkige erector-spinaegroep omvat spinalis, longissimus en iliocostalis. Diepere lagen bevatten onder meer multifidus en rotatores; de vezels verbinden verschillende wervels, ribben en bekken- en fasciale aanhechtingen.

Functie

Strekken en zijwaarts buigen de romp en remmen vooroverbuigen door gecontroleerd te verlengen. De diepe spieren dragen aan segmentale controle en stabiliteit bij; de functie is meer dan het rechtop houden van de rug.

Pijn & uitstraling

Iliocostalispatronen kunnen omhoog naar schouder en borstwand of omlaag naar buik, lage rug en bil lopen. Longissimus verwijst vaak caudaal naar lage rug of bil; multifidustriggerpoints geven vooral lokale diepe rugpijn, met mogelijke verwijzing naar buik, stuit of bovenbeen.

Symptomen & beperkingen

  • Rugpijn met beperking van bewegen, vooral bij vooroverbuigen tegen de zwaartekracht.
  • Moeite met opstaan uit een stoel of traplopen bij betrokken longissimus.
  • Diepe zeurende pijn nabij de wervelkolom die niet altijd afneemt bij houdingsverandering.

Belasting & onderhoudende factoren

Plotseling buigen en draaien, zeker bij vermoeidheid, kan een aanleiding zijn. De geraadpleegde literatuur noemt ook langdurige immobiliteit of computerwerk en belast bewegen waarbij de rugspieren veel remmende kracht moeten leveren.

Epidemiologie & onderzoek

Bij mensen met bovenste thoracale rugpijn werden meer actieve én latente iliocostalistriggerpoints gevonden dan bij controles. Ook bij pijnlijke menstruatie is een verhoogde aanwezigheid van lumbale paraspinale triggerpoints beschreven; zulke associaties bewijzen geen oorzaak bij een individuele patiënt.

Klinische context

Gewrichts- en discusproblemen kunnen tegelijk bestaan of vergelijkbare rug- en bilpijn geven. Bij thoracale, buik- of flankverwijzing vraagt de geraadpleegde literatuur ook aandacht voor aandoeningen van hart, longen, maag-darmstelsel en urinewegen.

Verwante spieren

Fysio Family · Rotterdam

Hulp bij jouw spierklachten

Herken je klachten en wil je weten wat in jouw situatie past? Bespreek je klachten, beweging en belasting met een fysiotherapeut.

Bekijk onze praktijk en fysiotherapeuten · Meer over myofasciale pijn · Uitleg over dry needling

Plan een afspraak →

Bronnen en verdieping

Uitgegeven door Fysio Family. De informatie is bedoeld om klachten en mogelijke samenhang te begrijpen. Een pijnpatroon alleen stelt geen diagnose.

Onderzoek

Anatomie, pijnpatronen en zelfzorg: bronverwijzingen

Travell, Simons & Donnelly’s Myofascial Pain and Dysfunction, 4e editie.

  • In het kort: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1418.
  • Anatomie: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1419.
  • Functie: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1427.
  • Pijn en uitstraling: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1430.
  • Klachten: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1432.
  • Belasting: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1440.
  • Onderzoek: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1430.
  • Klinische context: Donnelly, hoofdstuk 48, bronp. 1444.